De Recyclart in Brussel is één van de clubs in België die je toch minstens een keer moet meegemaakt hebben. Gezien de zaal gelegen is onder de sporen van het station Brussel-Kapellekerk hoor je tijdens de intervallen regelmatig een trein voorbijdenderen. De bar bevindt zich in de voormalige loketten en uiteraard is elke vierkante centimeter benut door de lokale kunstenaars (lees: graffitispuiters). Maar er is dus ook plaats voor muziek. Muziek zoals het enige Belgische optreden van Tapes ’n Tapes bijvoorbeeld.

Zoals het hoort in een vrijgevochten club hangt de aankondiging van het rookverbod meer dan waarschijnlijk in het bezemhok en ook de techniek laat soms wat te wensen over. Dat draagt nu eenmaal allemaal bij tot de charme van deze unieke locatie.

Toevallig vindt Michael, zanger-gitarist van Guernica, de Recyclart ook nog eens de leukste zaal in België, maar dat is in dit geval niet echt objectieve informatie. Evenmin objectief is onze waarneming dat Guernica spannende popmuziek brengt met invloeden van pakweg Pixies en new wave. Het resultaat maakt duidelijk waar de bandnaam vandaan komt. De grillige structuren, talrijke tempowisselingen en zes prima songs beloven het beste voor de toekomst van deze naar eigen zeggen “shitty Belgian band”.

Ook zeer de moeite was het Canadese Land Of Talk. Met zangeres-gitariste Elisabeth Powell hebben ze een charismatische frontvrouw in hun rangen, die haar lichtjes hese stem gebruikt om de poprocknummers meer cachet te geven. Toch ligt de eentonigheid in de huidige muzikale wereld algauw op de loer en derhalve zou iets meer variatie in hun liedjes zeker geen kwaad kunnen. Maar de groep redt zich intussen meer dan behoorlijk.

Met de twee albums die Tapes ’n Tapes op hun conto hebben staan, is de keuze aan songs voor Josh Grier (Tapes 1 voor de vrienden) en zijn mannen al heel wat breder. Met het chaotische Jakov’s Suite wordt de dans ingezet. En gedanst wordt er: het publiek laat zich gewillig meevoeren op de hyperkinetische uitspattingen van de groep uit Minnesota.

Bassist Eric Applewick (‘n) en toetsenist Matt Kretzman (‘n) leveren naast hun muzikale bijdrage ook nog eens de backing vocals, terwijl drummer Jeremy Hanson (Tapes 2) zich volledig concentreert op zijn kit. Hij lijkt nog het meest op een bebrilde versie van Schroeder, de volledig op zijn speelgoedpiano toegespitste vriend van Charlie Brown in Peanuts. Voorovergebogen over zijn snare, zorgt hij voor een uitstekende basis, waarvan onder geen beding wordt afgeweken.

Terwijl het eerste deel van het concert voortraast als een op hol geslagen trein met hoogtepunten als het machtige Le Ruse en Conquest, wordt er na een zestal nummers toch wat gas teruggenomen en komen ook de nummers uit het debuutalbum aan bod. Cowbell en vooral Insistor kunnen nog steeds op de meeste bijval vanuit de zaal rekenen, al is de vorige single en afsluiter Hang Them All ook erg populair. Hoewel blijkbaar niet voorzien, komen de Tapes toch nog een keer terug om met In Houston de avond in schoonheid af te sluiten.

Drie goede bands op een originele locatie voor een behoorlijk gevulde, erg enthousiaste zaal: wat kan een mens nog meer verlangen van een druilerige lenteavond.

Copyright: daMusic
Meer foto’s op Photobucket

Reageer